Programma 2010
Dit programma is mede mogelijk gemaakt door financiele steun van het Stimuleringsfonds voor Architectuur
1. Het nieuwe landschap van de Gelderse Vallei Als gevolg van beëindiging van bedrijven en door een veranderend ruimtelijk beleid wordt uitdrukkelijk gestreefd naar nieuwe combinaties van rode, groene en blauwe functies in de Gelderse Vallei. De opkomst van nieuwe financiële vereveningsconstructies als ‘rood voor groen’ lijkt er op te wijzen dat ‘rood’ tot nieuwe melkkoe van het landelijk gebied is uitgegroeid.
Wat betekent dit alles voor de bewoners en gebruikers van de Vallei? Boeren, (recreatie)ondernemers, dorpelingen, maar ook steeds meer stedelingen die een huis betrekken op voormalige erven of recreërend de Vallei verkennen. We gaan het hebben over spraakmakende voorbeelden van het samengaan van rode, groene en blauwe functies in de Vallei. Daarbij valt te denken aan projecten die laten zien hoe rood wordt ingezet met het uitdrukkelijke doel om de omgevingskwaliteit te versterken, bijvoorbeeld in het kader van landgoedontwikkeling. Of aan het meer sluipende proces van functiewijziging van vrijkomende bedrijfsgebouwen in een landelijke en groen/blauwe omgeving. Ook valt de denken aan de opgave om steeds grootschaliger, intensieve agrarische bedrijven te situeren in het landschap en de omgeving van een groeiende stedelijke Valleibevolking.
Datum: mei-juni
2. Het Binnenveld: Park DʼAgriculture, Park Avenue of Park Metropolitane?
Het Binnenveld is een bijzonder gebied. Bijzonder vanwege de verschillende (natuur)waarden, maar ook vanwege de ligging tussen de vier kernen Wageningen, Ede, Veenendaal en Ede. In groter verband is de ligging in de zuidelijke punt van de Gelderse Vallei bijzonder. Maar het Binnenveld wordt ook ervaren als gesloten, naar binnen gekeerd, het Binnenveld en zijn bijzonderheden zijn niet breed bekend.
Een gebied met een lage dynamiek dus, maar des te groter is de druk vanuit de randen: ons eigen Gelderse Groene Hart. Het gebied is al jarenlang onderdeel van discussies, toekomstdromen, politieke debatten, strijd. Het is dan wel omarmd door de WERV-regio, maar met welke toekomst in gedachte? Bindt het Binnenveld de kernen echt aan elkaar, of ligt het er toevallig tussen en mag niemand er aan komen?
De aanwezige waarden en dynamiek leiden al snel tot een roep om behoud en conservering, althans bij diegenen die ermee bekend zijn. Het brede publiek is zich hier echter niet van bewust.
Ondertussen gaan ontwikkelingen in de buitenrand en de Vallei gewoon door. Het is daarom verstandig te zoeken naar een daadwerkelijke functie voor het Binnenveld binnen de dynamiek en ontwikkeling die er omheen plaatsvindt. Daarmee voorkomen we dat ʻniets doenʼ leidt tot het langzaam opsnoepen, zoals bij het Groene Hart gebeurt. Dat kan vanuit de huidige waarden, maar ook door te zoeken naar een nieuwe kwaliteit met nieuwe waarden.
Binnenveld promotie: ʻJij komt naar het Binnenveld toe deze zomerʼ
Het Binnenveld nadrukkelijker op de kaart. Dat is het doel van een de eerste activiteit die Ahoi in 2010 rondom het Binnenveld organiseert. We willen het Binnenveld letterlijk en figuurlijk beter ontsluiten voor iedereen die er omheen woont en werkt, maar ook voor de mensen in de hele regio of zelfs daar buiten. Daarvoor gaan we op zoek naar de waarden van het Binnenveld, samen met de experts en de gebruikers van het gebied.
Via de lokale en regionale krant laten we het brede publiek kennis maken met het Binnenveld. Elke week vertelt een inwoner, agrariër, natuurvorser of recreant een verhaal met beeld over zijn/haar bijzonder stukje Binnenveld. Daarbij vragen we ook naar de betekenis van dit stukje voor de toekomst.
Al deze bijzondere plekken brengen we samen in een GPS-tocht (of op zijn minst een wandel-fietsgids), waarin al die bijzondere plekken in het Binnenveld zijn opgenomen. In het voorjaar organiseren we een aantal keren een wandeling met deze GPS, onder leiding van een gids.
Binnenveld 2040
Maar we sluiten onze ogen niet voor de toekomst. Vanuit de dynamiek in de gemeenten er omheen en de regio De Vallei gaan we ook op zoek naar de rol voor het Binnenveld in de toekomst van de mogelijke toekomstige hoog stedelijke omgeving:
- het Binnenveld als onderdeel van het snelweglandschap A30-A12: Park Avenue;
- het Binnenveld als Metropolitaan Park binnen het grootstedelijk gebied van de Gelderse Vallei en de Oostelijke Randstad;
- het Binnenveld als gebied voor stadslandbouw: buitenleven terug in de stad.
We vragen drie landschapsarchitecten om vanuit bovenstaande perspectieven een droombeeld te schetsen, in korte bewoording en beeld. Op een avond voor inwoners, bestuurders, gebruikers van het Binnenveld en de kernen er omheen worden deze drie droombeelden gepresenteerd.
Per droombeeld worden een aantal stellingen geponeerd, waarover de zaal in debat gaat. Daarbij kiezen we voor de ʻLagerhuisʼ opzet. De zaal is verdeeld in twee delen: de ene helft wordt gevraagd voor de stelling te pleiten, de andere helft is tegen. Op die manier gaan we op zoek naar argumenten voor en tegen de droombeelden. Dit kan het debat onder professionals en bestuurders voeden voor hun discussie over de toekomst van het Binnenveld.
Het tweede deel van de avond koppelen we de zoektocht naar waarden aan de toekomstdromen: iedereen wordt gevraagd aan te geven welke waarden passen in welk van de toekomstbeelden.
Datum: mei (tocht), oktober (debatavond)
3. Algemeen kunstzinnige vorming (AKV): een rondje Binnenstad
Het architectuurrondje Binnenstad is een route met vragen en opdrachten over architectuur, stedenbouw en ruimtelijke ordening voor kinderen van de groepen 7 en 8 van Wageningse basisscholen.
Het rondje leidt langs diverse gebouwen en plekken met een bijzondere vormgeving of functie. Bij iedere locatie horen een aantal opdrachten, variërend van ʻbeeld op muziek dit gebouw uitʼ, ʻteken op basis van verhalen hoe kasteel Wageningen er vroeger uit zagʼ en ʻhoe en waar worden bepaalde materialen in een huis gebruikt?ʼ De plekken in de route zijn: de bioscoop, een groot wooncomplex waar oud- en nieuwbouw samengaat, een oude meisjesschool dat nu dienst doet als kleinschalig woon- en werkpand, de ruïnes van het kasteel, het kantongerecht en enkele parken.
In de bioscoop wordt een film vertoond waarin een architect vertelt hoe een ontwerp tot stand komt. Er is ook een architect aanwezig en aan hem kunnen na afloop vragen worden gesteld.
Groepjes van 4 tot 5 leerlingen gaan samen op pad met de opdrachtenlijst. Er wordt rekening gehouden met de verschillende interesses van kinderen: er wordt getekend, naar muziek geluisterd, samen met een dansdocente wordt een gebouw uitgebeeld, er liggen verschillende materialen die kunnen worden vastgepakt, enzovoort.
Het doel van het architectuurrondje is kinderen handvatten aan te reiken over wat architectuur en stedenbouw nu eigenlijk is: wat doet een architect, wat vind ik mooi, wat niet en waarom niet, hoe kun je naar architectuur en ruimtes kijken? De grote verscheidenheid aan gebouwen en functies, maakt de route tot een ware ontdekkingsreis.
In 2009 organiseerde Ahoi het architectuurrondje in de binnenstad van Wageningen voor het eerst – nadat in 2007 en 2008 architectuurrondjes waren uitgezet op universiteitscampus De Born en landgoed Hinkeloord. Er deden toen 300 kinderen mee. Ook in 2010 worden meer dan 300 kinderen verwacht. Voor deze activiteit werkt Ahoi samen met cultureel centrum ʼt Venster.
Datum: 8 juni
4. Dag van de Architectuur: Het Tweede Leven-Architectuur en hergebruik
In Wageningen staan meerdere gebouwen die of om een nieuwe bestemming vragen of recent een nieuwe functie hebben gekregen. Dit hangt nauw samen met de verhuizing van Wageningen Universiteit naar de nieuwe campus aan de noordrand van de stad.
Door de verhuizing zijn verspreid door Wageningen beeldbepalende gebouwen en terreinen door de universiteit verlaten. Met name aan de Generaal Foulkesweg bevinden zich voormalige faculteiten en laboratoria, arboreta, proefvelden en professorenwoningen. Denk aan het campusachtige terrein De Dreijen, de oude universiteitsbibliotheek Jan Kopshuis, de aula, De Hucht, het voormalige Landmeetkunde-gebouw en de landelijk bekende Amsterdamse School-gebouwen van architect Blaauw op landgoed Hinkeloord (Schip van Blaauw en Microbiologie).
Een groot deel van deze gebouwen heeft inmiddels een nieuwe functie. Het Schip van Blaauw, de thuishaven van Ahoi, herbergt een grafisch bureau, een administratiekantoor, een uitgeverij en een tijdschriftredactie. Veel leegstaande (universiteits)gebouwen en terreinen hebben echter nog geen nieuwe bestemming gekregen en worden door tijdelijke bewoning, activiteiten (zoals het Filmhuis Wageningen in de voormalige bodemkundefaculteit) en kraak (zoals theater De Wilde Wereld en café De Overkant). Anderen worden gesloopt, bedreigd met afbraak (paviljoen van mecanoo aan de Arboretumlaan) of staan gewoonweg al jaren leeg (voetbalstadion).
De herbestemming van bijzondere gebouwen en terreinen met een eigen context en cultuurwaarde is een complexe opgave waarbij moet worden gekeken of de exploitatie en beheer en of het gebruik wel bij het gebouw of terrein past. Daarnaast zijn veel partijen betrokken zoals de voormalige eigenaar, de gemeente monumentenzorg, geïnteresseerde kopers en exploitanten, plannenmakers en belangengroepen.
Activiteiten:
- Uiteraard het bezoek onder begeleiding van gids of ontwerper van enkele gebouwen en terreinen met een herbestemming (Schip van Blaauw, Landmeetkunde), gebouwen en terreinen die wachten op een nieuwe functie (arboretum, proefvakken, de Dreijen, Kortenoord, terrein Mouterij voetbalstadion, Kirpestein-garage) en gebouwen en terreinen met een tijdelijke bestemming (wijnhandel in Fordgarage (Delftse School), café De Overkant).
- Een aantal gebouwen en terreinen krijgt speciale aandacht vanwege actuele ontwikkelingen: Mouterij (woningbouwplannen van KuiperCompagnons), Dreijen (onduidelijke en ongewenste plannen voor woningbouw, maar ook initiatief voor ecologische wijk), stadion (historie van gesneuvelde herbestemmingsinitiatieven, in combinatie met plan voor verdwenen ziekenhuis?)
- Met name over de groene elementen (arboretum, proefvakken) worden activiteiten georganiseerd. De proefvakken (op het terrein van Hinkeloord) zijn tamelijk onbekend. Welke mogelijkheden bieden deze vakken (volkstuinen, stadslandbouw?). De historische wortelkelder van de magnolia bij het Schip van Blaauw (vroeger het laboratorium plantenfysiologie) wordt hersteld kan op de Dag van de Architectuur worden heropend.
- Een lezing door de Wageninger Arno Boon, voorzitter van BOEi (een organisatie voor de herontwikkeling van industrieel erfgoed (o.a. Steenfabriek ‘De Bovenste Polder’ in Wageningen en Enka-terrein in Ede)
- deelnemers aan de DvdA kunnen suggesties doen voor herbestemming en functiewijziging en kunnen hier met elkaar of onder leiding van een professional over van gedachten wisselen. Wellicht kan snel een tentoonstelling van deze ideeën worden gemaakt of werken planning- en landschapsarchitectuurstudenten enkel suggesties uit in concrete plannen. Het terrein van de vroegere garage Kirpestein op het kruispunt van de Churchillweg en Ritzema Bosweg leent zich hier uitstekend voor. Het braakliggende terrein met nog een klein stukje muur is een doorn in het oog van veel Wageningers. Door dat muurtje is er geen plicht tot herbestemming. Ooit was er een plan om woningen te plaatsen, uiteindelijk bleek daar te weinig vraag naar te zijn en mislukte dit.
- Een Generaal Foulkestour langs de vele voormalige universiteitsgebouwen.
Datum: 26 juni
5. De schoonheid van de Betuweroute
De goederenspoorlijn tussen de Rotterdamse haven en Duitsland is omstreden. De politieke besluitvorming is kritisch beoordeeld in een parlementaire commissie. Het duurde na aanleg enige tijd voordat de eerste treinen reden. De invloed op milieu en landschap is decennia lang bestreden door omwonenden en actiegroepen. Bewoners van de huizen en boerderijen, die voor de route moesten wijken, ketenden zich vast en lieten zich niet zomaar verjagen.
Berucht of niet, de spoorlijn ligt er, dwars door het rivierengebied, door de Betuwe, aan weerszijden gemarkeerd door betonnen muren. Volgens Ahoi het moment om die Betuweroute eens van dichtbij te bekijken: hoe is het eigenlijk gelegen, hoe wordt de infrastructuur beleefd (van dichtbij, vanaf de A15, van een afstand), is het inmiddels ingebed in de omgeving en het landschap.
Met een wandeling en busrit wil Ahoi deelnemers de kans bieden een eigen oordeel te vellen. Natuurlijk is al veel geschreven over de omstreden voorgeschiedenis, natuurlijk heeft iedereen die betonnen muren weleens zien staan. Maar wat vinden we nu eigenlijk wanneer we de muur en het spoor van dichtbij bekijken, aanraken, oversteken en beleven? Wat vinden we van de muur en het spoor nadat we gehoord hebben over de verhalen, de mogelijkheden en beperkingen?
Het idee is om de excursie te starten op enige afstand van maar wel met zicht op de Betuweroute - een punt op het traject Arnhem-Tiel. Daar zal landschapsarchitect en Ahoi-voorzitter Henk van Blerck een niet-alledaagse voordracht houden over het schitterende grootse landschap van de Betuweroute, die volgens hem - ook vanuit cultuurhistorisch oogpunt - precies goed ligt. Grote dingen zijn niet lelijk, het klein gefrut wel, is de mening van Van Blerck. Daarmee kent de excursie een prikkelend begin waarop de deelnemers vanzelfsprekend mogen reageren.
Daarna volgt een wandeling langs de muur en het spoor - ook aan de zijde van de A15 - van pakweg 5-6 kilometer. Tijdens deze tocht maken de deelnemers kennis met de verschillende facetten van het infrastructurele object. Een kunstenaar zal vertellen over de mogelijkheden van de betonnen wand. Een vertegenwoordiger van de lokale gemeenschap zal vertellen over de impact op het sociale leven. Een historicus plaats de Betuweroute in de lijn van het verleden. Op viaducten (of de restanten van wat ooit een viaduct was) ervaren deelnemers de barrièrewerking. Een ecoloog verhaalt over de mogelijkheden van natuurontwikkeling, een ‘buurman’ over zijn uitzicht. Na de wandeling neemt een bus de deelnemers over de A15 wederom langs de Betuweroute. Aan het eind kan iedereen voor zichzelf bepalen of de Betuweroute nu al wel of niet onderdeel is van het Betuwse land.
Datum: najaar
6. Ahoi Landinzicht-cafés
Vier keer per jaar - ieder seizoen - organiseert Ahoi een Landinzicht-café. Dit initiatief komt voort uit de lokale behoefte naar een plek waar op informele wijze door gepraat kan worden over actuele plannen, kwesties en ontwikkelingen. Daarom wil Ahoi met een zogenoemd architectuurcafé een ontmoetingsplaats zijn waar studenten, geïnteresseerde ontwikkelaars, kunstenaars, beleidsmakers, bestuurders, professionals en burgers in een ontspannen sfeer met elkaar in contact kunnen komen en hun gedachten en ervaringen kunnen uitwisselen.
Ieder café heeft een thema waardoor het cafe kleur krijgt en interessant wordt om naar toe te gaan (in 2009 gebruikte Ahoi thema’s als Smaak en Geur). Elke keer nodigt Ahoi een lokale partij of persoon uit om over een actueel thema een kort betoog of voordracht te houden. Dit kan volgens de ‘pecha kucha’-methode of via de traditionele zeepkist. Dat betekent dat men maximaal 5 minuten mag spreken en een beperkt aantal beelden mag gebruiken. De voordracht kan gaan over een recent opgeleverd project, een actuele discussie of recente ontwikkelingen in Wageningen en omgeving. Onderwerpen zijn bijvoorbeeld hoogbouw versus laagbouw, groen in en om de stad, duurzaam bouwen, leegstaande universiteitsterreinen, de doortrekking van de A30, ruimte voor de rivier, De Eng, de toekomst van het voetbalstadion, de woningbouw op Rustenburg, enzovoort. De bedoeling is dat de bijdragen levendig en afwisselend zijn en een aanzet tot discussie tijdens de daaropvolgende borrel.
De cafés vinden plaats op vrijdagmiddagen. Ahoi biedt de aanwezigen een eerste drankje aan, daarna dient voor de drankjes betaald te worden.
Datum: voorjaar, zomer, najaar, winter
7. De Wageningse prijs voor ruimtelijke kwaliteit: mooier Wageningen
Om Wageningers meer te prikkelen bij de vormgeving en de beleving van hun woon- en leefomgeving en om het lokale debat hierover aan te zwengelen wordt een driejaarlijkse prijs uitgereikt aan een uitgevoerd plan dat in die bepaalde periode de beste bijdrage heeft geleverd aan de ruimtelijke kwaliteit van de stad.
De prijs wordt tweemaal uitgereikt. Een prijs wordt gekozen door een vakkundige jury uit een aantal (8 tot 10) door henzelf geselecteerde voordrachten (nominaties). Deze voordrachten worden tentoongesteld en vormen onderdeel van een boekje. De Wageningers mogen uit deze tien genomineerde ook een winnaar kiezen (stemmen via internet, flyers of bezoek aan de tentoonstelling).
In de jury hebben zitting vertegenwoordigers van lokale organisaties die betrokken zijn bij de ruimtelijke kwaliteit in de stad: Wageningen Monumentaal en Mooi Wageningen. Daarnaast worden er enkele deskundigen uit andere hoek (landschapsarchitectuur, stedenbouw, architectuur, ruimtelijke ordening, kunst) gekozen.
De nominaties komen tot stand in overleg met de gemeentelijke organisaties, zoals de welstandscommissie en de monumentencommissie. Ook voordrachten door anderen worden in behandeling genomen. De voordrachten kunnen velerlei zijn maar dienen op de een of andere manier een bijdrage te leveren aan een mooier stadsbeeld: een tuin, een park, een plein, een straat, een woonhuis, een mooie restauratie, een wijk, een bushalte.
De prijs wordt toegekend aan de opdrachtgever, de ontwerper en het uitvoerende bedrijf.
Om een mooi startschot te geven wordt de eerste keer een ruimere periode gerekend: namelijk tien jaar (2000-2010), en wordt ook een groter aantal nominaties voorgelegd.
De prijs van de vakjury bedraagt 2250,- euro, De publieksprijs bedraagt eveneens 2250,- euro. Beide bedragen worden beschikbaar gesteld door een grote sponsor – zeer waarschijnlijk de Rabobank.